Minister-president Geert Bourgeois, tevens bevoegd voor Buitenlands Beleid, is verheugd dat er in Frankrijk een politieke doorbraak is gekomen in het dossier Canal Seine Nord Europe. In marge van het recente bezoek van president Macron aan Amiens, deden de meereizende minister van transport Elisabeth Borne en minister van begroting Gérald Darmanin een aantal aankondigingen waarmee de bevriezing van het al lang geplande binnenvaart-infrastructuurproject in Noord-Frankrijk in principe wordt opgeheven. “Dit project vormt het sluitstuk van de Seine-Schelde-verbinding, die ook voor Vlaanderen en Wallonië van groot belang is”, aldus de minister-president die samen met zijn Waalse collega druk zette bij de Fransen. “Het Seine-Scheldeproject is een mooi grensoverschrijdend project dat volledig past in het Europees en Vlaams beleid. Hiermee verbeteren we de internationale ontsluiting van Vlaanderen vanuit zijn zeehavens tot in Parijs. We dragen ook bij tot een modal shift van wegtransport naar het duurzamere en veiligere vervoer via de binnenvaart.”

De verbinding past in de Europese vervoercorridor Noordzee-Middellandse Zee en is tevens het grootste infrastructuurproject dat Europa tot nog toe gesubsidieerde. Het nieuwe kanaal moet er komen tussen Compiègne en Cambrai. Vlaanderen en Wallonië, die partner zijn van Frankrijk in het Seine-Schelde-project hebben zelf op hun grondgebied al grote investeringsinspanningen geleverd. Na onderhandeling werd in Frankrijk uiteindelijk een akkoord bereikt waarbij de regio Hauts-de-France en de vier departementen naast hun eigen inbreng van 1 miljard euro, in 2018 en 2019 het aandeel van de Franse Staat voorfinancieren en de waarborg op zich nemen voor de terugbetaling van de lening. In ruil krijgen de territoriale overheden het grootste zeggenschap over het bestuur van het project. Het Vlaamse deel van het Seine-Scheldeproject dient te worden afgewerkt tegen eind 2020.

Voka West-Vlaanderen reageert positief op de vooruitgang in het dossier. “Op 1 juli van dit jaar had de nieuwe Franse minister van transport, Elisabeth Borne, op de pauzeknop geduwd en het hele project in vraag gesteld”, zegt Bert Mons, algemeen directeur van Voka West-Vlaanderen. “Die beslissing was problematisch voor Noord-Frankrijk, maar zeer zeker ook voor ons. De laatste jaren investeren steeds meer West-Vlaamse bedrijven in watergebonden transport. Multimodaliteit is dan ook een essentiële schakel. Daarenboven werden in dit kader aan Vlaamse kant al heel wat investeringen gedaan en staan er nog diverse gepland, onder meer voor het doortrekken van de Leie in Zuid-West-Vlaanderen en het kanaal Bossuit-Kortrijk.”