Zopas is de POM West-Vlaanderen structureel partner geworden van “Made in”. “Ons verzelfstandigd agentschap, dat het sociaaleconomisch beleid van de provincie uitvoert, heeft in Made in West-Vlaanderen een bondgenoot gevonden vanuit de gemeenschappelijke betrachting om de West-Vlaamse onderneming te steunen”, zegt Jean de Bethune, voorzitter van de POM West-Vlaanderen. “De West-Vlaamse onderneming versterken en de kans bieden zich verder te ontwikkelen op een duurzame manier. Met dit doel voor ogen spant de POM zich dagelijks in om de West-Vlaamse kmo toegang te bieden tot de nieuwste technologieën, tot de expertise van hogescholen, universiteiten en andere kenniscentra. De POM faciliteert hierbij vooral en creëert de noodzakelijke randvoorwaarden. Vaak op infrastructureel vlak, zoals de inrichting van inland terminals voor een duurzame ontsluiting van de industrie via spoor en binnenvaart, open testfaciliteiten (zoals bijvoorbeeld het Vlaams Kunststoffen Centrum, het Huis van de Voeding, GreenBridge…) of via een netwerk van 17 professionele én toegankelijke faciliteiten voor startende ondernemers.
Die randvoorwaarden zijn ook financieel van aard. De POM neemt ook het voortouw in het werven van Europese fondsen. Met de GTI (Geïntegreerde Territoriale Investeringen) bijvoorbeeld kon de Provincie ruim 20 miljoen aan Europese middelen reserveren voor de West-Vlaamse economie.”

Voor de voorzitter is het essentieel dat de POM een partnerorganisatie is die als overheidsorganisatie haar plaats kent. “Structurele partnerschappen met experts worden verkozen boven het zelf uitbouwen van diensten”, aldus de Bethune. “Sectorale kenniscentra zoals Sirris, Centexbel of Flanders’ FOOD, sectorfederaties zoals essenscia, Fedustria, Fevia, Agoria of de Belgian Offshore Cluster, de sociale partners en, last but not least, de universiteiten en hogescholen. Met dergelijk achterliggend partnerschap vinden de West-Vlaamse ondernemingen in de provinciale ontwikkelingsmaatschappij een cross-sectorale basisspeler in een bijzonder ruim veld.”

Voor de academische kant werd de Technisch Universitaire Alliantie (TUA West) in het leven geroepen. Een unieke samenwerking tussen de associaties actief op West-Vlaams grondgebied. Dit werkingsmodel wordt gericht toegepast op 4 domeinen: ondernemerschap (starters en groeiers), de zogenaamde Fabrieken voor de Toekomst (het industriële weefsel), transport & logistiek (multimodale ontsluiting), en arbeidsmarkt (instroom naar en retentie in de speerpuntsectoren). Ook binnen deze domeinen worden specifieke keuzes gemaakt. Vijf speerpuntclusters werden gedefinieerd. Domeinen waarin West-Vlaanderen excelleert op internationaal vlak zijn: blue energy, nieuwe materialen, machinebouw en mechatronica, voeding en de ontluikende zorgeconomie. “Met deze keuzes gaan we resoluut voor de producerende nijverheid, de zogenaamde maakindustrie”, vindt de Bethune. “We blijven geloven in productie, als motor van de economie en van creatie van werkgelegenheid en dus welvaart voor velen. Met die visie gaan we wat tegen de stroom in, maar het enthousiasme van de ondernemers voor onze initiatieven stuwt ons verder in die richting.”