Het zogenaamde oorlogstoerisme heeft in de provincie West-Vlaanderen een hele economische activiteit op gang gebracht. Het Kenniscentrum van het provinciebedrijf Westtoer berekende dat de Westhoek in 2016 bijna 450 000 herdenkingstoeristen verwelkomde. Dit is 11 procent minder dan het jaar voordien, maar 8 procent meer dan in 2013, het aanloopjaar naar de herdenking. Franky De Block, gedeputeerde en voorzitter van Westtoer: “2016 was voor het herdenkingstoerisme in de Westhoek een overgangsjaar zonder grote historische herdenkingsmomenten. Met de honderdste verjaardag van de Mijnenslag en de belangrijke herdenking van de Slag bij Passendale verwachten we in 2017 opnieuw de kaap van het half miljoen herdenkingstoeristen te overschrijden.”

Opvallende vaststelling is dat steeds meer mensen hun bezoek aan één of meerdere Wereldoorlog I sites combineren met bezienswaardigheden en activiteiten die los staan van de herdenking. De binnenlandse markt is in 2016 goed voor een marktaandeel van 44 procent. De meeste Belgische bezoekers van het Wereldoorlog I erfgoed in de Westhoek zijn Vlamingen (nog steeds 93 procent). Tegenover 2015 daalt de binnenlandse markt in de Westhoek met 16 procent. Het aandeel Belgen dat in de Westhoek zelf verblijft, houdt goed stand. De daling is het sterkst bij landgenoten die buiten de Westhoek logeren. Positief is de toename bij Belgische scholen op daguitstap naar het Wereldoorlog I erfgoed (+7 procent). Franky De Block, gedeputeerde en voorzitter van Westtoer: “Vlaamse scholen blijven geïnteresseerd in het Wereldoorlog I erfgoed van de regio. Ook in de toekomst blijft het een uitdaging om deze interesse nog verder aan te wakkeren en duurzaam te maken. De actualiteit van het voorbije jaar toont ons dat vredeseducatie voor jongeren belangrijk is. Het tastbare verleden van de Westhoek kan hierin ook ná 2018 een belangrijke rol spelen”.
Het marktaandeel van de buitenlandse bezoekers in de Westhoek blijft ook in 2016 groot (56 procent). De meeste buitenlandse bezoekers komen uit het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Australië blijft de belangrijkste intercontinentale markt, gevolgd door Canada en de Verenigde Staten. Samen met Nieuw-Zeeland daalden deze verre markten ten opzichte van 2015 met 15 procent. Het totaal aantal bezoekers uit deze vier landen bevindt zich echter nog steeds boven het niveau van 2014.
Volgens Peter De Wilde, CEO van Toerisme Vlaanderen was 2016 was voor de herdenking in heel wat opzichten een apart jaar. Enerzijds ging de aandacht internationaal vooral naar Noord-Frankrijk met de eeuwherdenking van Verdun en de Somme. Maar anderzijds waren er de gebeurtenissen van maart die ons parten speelden, zeker op de intercontinentale markten.