Op voorstel van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits heeft de Vlaamse regering 6 West-Vlaamse scholen geselecteerd die via een publiek-private samenwerking een nieuw schoolgebouw mogen bouwen. De nieuwe schoolgebouwen hebben samen een oppervlakte van ruim 51.000m². Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits houdt zo de inspanningen aan en zet de inhaalbeweging in uitvoering van het masterplan Scholenbouw verder. Nu begint de periode van de openbare aanbestedingen waarop West-Vlaamse bouwbedrijven met interesse kunnen inschrijven.

In het voorjaar van 2017 werd een nieuwe oproep aan schoolbesturen gelanceerd voor een investeringswaarde van 300 miljoen euro. Dat bedrag werd in het herfstakkoord van de Vlaamse regering tot 550 miljoen euro opgetrokken. 52 aanvragen werden ingediend, waarvan nu 6 West-Vlaamse scholen geselecteerd zijn om hun bouwproject te realiseren. Dat betekent dat er ruim 51.000m² extra nieuwe schoolgebouwen in West-Vlaanderen komen. De Sint-Maartensscholen in Ieper (20.800m²), scholen in Wingene en Poperinge (8.300m²) en SMI-Arko in Roeselare en Ardooie (18.291m²) krijgen subsidies om nieuwe schoolgebouwen te zetten.

Dit nieuwe scholenbouwprogramma versterkt de inhaalbeweging in scholenbouw die kadert in het Masterplan Scholenbouw. Net zoals in het vorige bouwprogramma “Scholen van Morgen” dat goed was voor 182 nieuwe scholen (waarvan 41 in West-Vlaanderen), wordt opnieuw samengewerkt met de private sector. Eén of meer inrichtende machten of schoolbesturen kennen het ontwerp (design), de bouw (build), de financiering (finance) en het onderhoud van een gebouw gedurende 30 jaar (maintain) toe aan een private partner. Tijdens die 30 jaar betalen de schoolbesturen een beschikbaarheidsvergoeding aan die private partner. De Vlaamse overheid voorziet van haar kant in een toelage aan het schoolbestuur. Na 30 jaar wordt het schoolgebouw automatisch overgedragen aan het schoolbestuur.